All Languages    |   EN   SV   IS   RU   RO   FR   IT   PT   NL   HU   SK   LA   FI   ES   BG   HR   NO   CS   DA   TR   PL   EO   SR   EL   |   SK   FR   HU   PL   NL   SQ   RU   ES   IS   SV   NO   FI   IT   CS   DA   PT   HR   BG   RO   |   more ...

Engels-Nederlands woordenboek

BETA Dutch-English translation for: De
  ëéïö...
  Options | Tips | FAQ | Abbreviations

LoginSign Up
Home|About/Extras|Vocab Trainer|Subjects|Users|Forum|Contribute!
English-Dutch Dictionary: De
de
the
aan (de) {prep}
at (the)
De mazzel!
Bye!
de Holocaust {noun}
the Holocaustgesch.
de provincie {noun}
countryside
aan de / het {prep}
on the
aan de rechterkant {adv}
on the right-hand side
aan de universiteit {adv}
at university
bij de marine {adv}
in the navy
boven de 50 {adv}
over 50 [items or age]
de hele weg
the whole way
De rekening, alstublieft.
The bill please! [Br.]
de volgende keer {adv}
next time
in de gevangenis {adv}
in jail
in de kerk {adv}
in church
in de praktijk {adv}
in practice
in de schijnwerpers {adv}
in the limelightzeg.
in de stad {adv}
in town
in de tussentijd {adv}
in the meantime
met de auto {adv}
by car
met de dag {adv}
(from) day to day
by the day [+ comparative, e. g., better by the day]
met de hand {adv}
by hand
met de tram {adv}
by tram
naar de stad {adv}
to town
om de week {adv}
every other week
onder de 50 {adv}
under 50 [items or age]
onder de zeespiegel {adv}
below sea level
op de / het {prep}
on the
op de achtergrond {adv}
in the background
tussen de beide ...
between the two ...
tussen de middag {adv}
at lunchtime
van de voorstad {adj}
suburban
vandaag de dag {adv}
nowadays
vandaar de naam
hence the name
voor de afwisseling {adv}
for a change
voor de kust {adv}
off the coast
voor de lol {adv}
for fun
voor de rest
(as) for the rest
(de afwas) afdrogen
to dry up (the dishes) [Br.]
(de vaat) afdrogen
to dry up (the dishes) [Br.]
de afwas doen
to wash the dishes
de boventoon voeren
to predominate
de buikriem aanhalen
to tighten one's belt [also fig.]
de lakens uitdelen
to run the showzeg.
de lippen tuiten
to purse one's lips
de moeite nemen
to bother
de olie verversen
to change the oilauto
de schuld geven
to blame
de strijdbijl begraven
to bury the hatchetzeg.
de tafel afruimen
to clear the table
de tafel dekken
to lay the table
to set the table
de vaat doen
to wash the dishes
de winterslaap houden
to hibernatezoöl.
de zelfmoord plegen
to commit suicide
de gulden middenweg {noun}
the golden meanzeg.
de heilige graal {noun}
the Holy Grailrelig.
de tien geboden {mv}
the Ten Commandmentsbijbel
eau de cologne {de}
eau de cologne
meneer de Voorzitter {de}
Mr Chairman
mevrouw de President {de}
Madame President
Plinius {de} de Oudere
Pliny the Eldergesch.lit.
aan de andere kant {adv}
on the other side
aan de vooravond van ...
on the eve of ...
Het tart de verbeelding.
It beggars belief.
iem. geeft de voorkeur aan
sb. prefers
in de brede zin {adv}
in the broad sense
in de buurt van {prep}
near
in de nasleep van ...
in the wake of ...
in de omgeving van {prep}
near
in de tweede versnelling {adv}
in second gear
in de voorbije jaren {adv}
in recent years
met de klok mee {adj} {adv}
clockwise
om de andere dag {adv}
every other day
op de 17de dezer {adv}
on the 17th of this month
op de lange duur {adv}
in the long run
roomser dan de paus
more Catholic than the Popezeg.
tegen de klok in {adj} {adv}
anticlockwise [Br.]
voor de middellange termijn {adj} [pred.]
medium-term [attr.]
vroeg in de morgen {adv}
early in the morning
zonder de minste twijfel {adv}
without any doubt
aan de kook raken
to boil
buiten de lijntjes kleuren
to step out of the box
de andere wang toekeren
to turn the other cheekbijbelzeg.
de bokkepruik op hebben
to be in a bad moodzeg.
de kluts kwijt zijn
to be all at seazeg.
de moeite waard zijn
to be worthwhile
de nadruk leggen op iets
to stress sth.
heulen (met de vijand)
to collaborate (with the enemy)
iem. aan de haak slaan
to hook sb. [coll.] [to find a love partner]
iem. de laan uit sturen [fig.]
to fire sb. [to dismiss sb.]
iem. in de steek laten
to fail sb.
iem. in de war brengen
to baffle sb.
iem. op de vingers tikken
to rap sb. on / over / across the knuckleszeg.
to give sb. a rap on / over / across the knuckleszeg.
iem. op de zenuwen werken [omg.]
to annoy sb.
to get on sb.'s nerves [coll.]
iem. uit de nood helpen
to bail sb. out [coll.]
to help sb. out of a fix [coll.]
back to top | home© 2002 - 2020 Paul Hemetsberger | contact / privacy
Dutch-English online dictionary (Engels-Nederlands woordenboek) developed to help you share your knowledge with others. More information
Links to this dictionary or to single translations are very welcome! Questions and Answers
Advertisement